**1.** De mentor brengt halverwege de beroepservaringperiode door middel van een door het bureau architectenregister verstrekt evaluatieformulier aan het bureau architectenregister schriftelijk verslag uit van het verloop van de beroepservaringperiode en de vorderingen van de kandidaat.
**2.** Na indiening van het in het eerste lid bedoelde evaluatieformulier vindt een tussengesprek plaats tussen de kandidaat, de mentor en de commissie beroepservaringperiode, waarin mede aan de hand van het in artikel 11 bedoelde logboek de vorderingen van de kandidaat worden besproken.
**3.** Indien het tussengesprek naar het oordeel van de commissie beroepservaringperiode daartoe aanleiding geeft, wordt het persoonlijk ontwikkelingsplan door de kandidaat aangepast overeenkomstig de aanwijzingen van de commissie.
Hoofdstuk V › § 1
Artikel 12
Artikel 12
Onderdeel van Regeling Beroepservaringperiode· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 21 december 2012