Een school waar sprake is van uitzonderlijke omstandigheden van structurele aard zoals bedoeld in artikel 4 wordt voor onbepaalde tijd bekostigd dan wel instandgehouden indien:
het aantal leerlingen van de school gedurende drie of meer achtereenvolgende schooljaren op de teldatum lager is dan de voor de school geldende opheffingsnorm als bedoeld in artikel 4.24 van de wet,
op drie achtereenvolgende teldata voorafgaand aan het schooljaar waarvoor het verzoek als bedoeld in artikel 2 wordt ingediend, gemiddeld
tenminste 30 leerlingen zijn ingeschreven op de school, waarbij de uitkomst van het gemiddelde naar boven wordt afgerond op een heel getal, of
tenminste 30 leerlingen zijn ingeschreven op de scholengemeenschap waarvan een school deel uitmaakt, waarbij de uitkomst van het gemiddelde naar boven wordt afgerond op een heel getal, en
de kwaliteit van het onderwijs van alle schoolsoorten en leerwegen van de school niet op grond van artikel 3, tweede lid, onderdeel a, van de Wet op het onderwijstoezicht, als zeer zwak is beoordeeld, dan wel de inspectie heeft het vertrouwen heeft dat de onderwijskwaliteit voldoende verbetert.
Artikel 5
Voorwaarden uitzonderingsscholen voor onbepaalde tijd
Onderdeel van Beleidsregel uitzonderingsscholen VO 2013· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2022