**1.** Ten aanzien van de uitoefening van zijn beroep is de accountant onderworpen aan tuchtrechtspraak op grond van de Wet tuchtrechtspraak accountants ter zake van:
enig handelen of nalaten in strijd met het bij of krachtens deze wet bepaalde; en
enig ander dan in onderdeel a bedoeld handelen of nalaten in strijd met het belang van een goede uitoefening van het accountantsberoep.
**2.** De tuchtrechtspraak wordt uitgeoefend in eerste aanleg door de accountantskamer en in hoger beroep, tevens in hoogste ressort, door het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Hoofdstuk 6 › § 6.3
Artikel 42
Artikel 42
Onderdeel van Wet op het accountantsberoep· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013