Banken beschikken over veel informatie die van belang is of kan zijn voor de belastingheffing van derden. Een belangrijk deel van die informatie dienen zij ingevolge artikel 53, tweede en derde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna AWR), uit eigen beweging te verstrekken aan de inspecteur. Op grond van bepalingen, hierna genoemd onder Reikwijdte, zijn banken ook gehouden om op verzoek informatie te verstrekken ten behoeve van de belastingheffing van derden. In deze gevallen gaat het om een individuele derde of groepen van derden. Het voorschrift bevat regels om die gegevensverstrekking zo efficiënt mogelijk en op voor de banken minst belastende wijze te effectueren en beoogt op geen enkele wijze de wettelijke bevoegdheden in te perken of te verruimen.
Het Voorschrift informatie fiscus/banken bevat beleidsregels met betrekking tot de toepassing van de artikelen 53, eerste lid, onder a, van de AWR, artikel 62 van de Invorderingswet 1990, de inlichtingenbepalingen in de Europeesrechtelijke, internationale, interregionale en supranationale regelingen met betrekking tot de heffing en/of de invordering van belastingen waarbij Nederland partij is.
Dit besluit is gewijzigd bij besluit van 16 december 2020, nr. 2020-22953, (Stcrt. 2020, 62942). De wijzigingen zien op het wegnemen van mogelijke interpretatieverschillen en de verwerking van de nieuwe topstructuur van de Belastingdienst. Verder zijn enkele redactionele wijzigingen aangebracht.
Dit besluit is vervolgens gewijzigd bij besluit van 14 juni 2022, nr. 2022-2035 (Stcrt. 2022, 16408). De wijzigingen betreffen een nadere verwerking van de huidige topstructuur van de Belastingdienst. Daarnaast zijn enkele redactionele wijzigingen aangebracht.
Artikel 1
Inleiding
Onderdeel van Algemene wet inzake rijksbelastingen, voorschrift informatie fiscus/banken· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 25 december 2012