**1.** Een machtiging als bedoeld in artikel 12d, eerste lid, is met redenen omkleed en ondertekend en vermeldt:
de naam van de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven;
de naam of het nummer en de hoedanigheid van degene aan wie de machtiging is gegeven;
de wettelijke bepaling waarop het binnentreden berust en het doel waartoe wordt binnengetreden;
de dagtekening.
**2.** Indien het betreden dermate spoedeisend is dat de machtiging niet tevoren op schrift kan worden gesteld, zorgt de rechter-commissaris zo spoedig mogelijk voor de opschriftstelling.
**3.** De machtiging blijft ten hoogste van kracht tot en met de derde dag na die waarop zij is gegeven.
**4.** Artikel 6 van de Algemene wet op het binnentreden is niet van toepassing.
Hoofdstuk 3 › § 1
Artikel 12e
Artikel 12e
Onderdeel van Instellingswet Autoriteit Consument en Markt· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2014