**1.** Met betrekking tot aanvragen tot verlening van kwekersrecht en/of toelating van rassen of opstanden, die blijkens de onderliggende technische rapporten voor toewijzing in aanmerking komen en die overigens geen nadere overweging behoeven, is de secretaris bevoegd namens de Raad te besluiten.
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de aanwijzing van instandhouders en de door de betrokken instandhouder verzochte intrekking van een dergelijke aanwijzing.
**3.** Met betrekking tot de vaststelling van rasnamen is de secretaris bevoegd namens de Raad te besluiten, tenzij de belanghebbende uitdrukkelijk een beslissing van de Raad eist.
**4.** In afwijking van artikel 6, derde lid, worden ingevolge het eerste of het tweede lid genomen besluiten namens de Raad door de secretaris ondertekend.
**5.** De secretaris informeert de Raad over de aanvragen onderscheidenlijk de aanwijzingen en intrekkingen, die onder toepassing van het eerste onderscheidenlijk het tweede lid zijn afgehandeld.
**6.** De Raad behandelt de rapportages over het toezicht op de uitvoering van het onderzoek op basis waarvan van de technische rapporten worden opgesteld.
Treedt in werking op het tijdstip van de publicatie in het ‘Publicatieblad van de Raad voor plantenrassen’ als bijlage van de Nederlandse Staatscourant en werkt terug tot 1 december 2012.
Artikel 11
(mandaat m.b.t. eenduidige dossiers)
Onderdeel van Bestuursreglement Raad voor plantenrassen· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 28 maart 2013