Artikel 30 van de Successiewet geldt ook bij verwerping vóórdat een legitimaris uitdrukkelijk een beroep heeft gedaan op zijn legitieme portie of een of meer erfgenamen beneficiair hebben aanvaard. Het is mogelijk dat een verwerping geheel of gedeeltelijk feitelijk geen gevolgen heeft voor de andere erfgenamen of legatarissen. Bijvoorbeeld als een legaat toch niet (geheel) kan worden afgegeven omdat een andere erfgenaam zijn legitieme portie inroept of als de nalatenschap geen batig saldo heeft. Op grond van een redelijke wetsuitleg kan artikel 30 van de Successiewet in die situaties buiten toepassing blijven voor het deel dat de verwerper niet had kunnen realiseren.
De nalatenschap is 100. In zijn testament heeft de erflater iemand een legaat toebedeeld van 250. De legataris verwerpt. Erflater laat één erfgenaam na. De erfgenaam had recht op een legitieme portie van 50. Een redelijke wetsuitleg brengt mee dat artikel 30 van de Successiewet buiten toepassing blijft voor het bedrag aan onvoldoende baten en het bedrag van de legitieme portie. Dit is 200 (150+50). Artikel 30 is dan wel van toepassing voor de overige 50. Verschuldigd is het hoogste bedrag van:
de erfbelasting die de erfgenaam is verschuldigd over 100;
de erfbelasting die de erfgenaam verschuldigd is over 50 plus het bedrag dat de legataris verschuldigd zou zijn over 50.
Artikel 3
Verwerping waarbij andere erfgenamen nog geen rechtshandeling hebben gepleegd
Onderdeel van Schenk- en erfbelasting, overdrachtsbelasting, verwerping van een nalatenschap, ongelukkige redactie testament, vergeten testament, informele wil· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 4 april 2013