De vergunninghouder is verplicht binnen een maand na afloop van elk kwartaal een verslag aan de kansspelautoriteit te zenden betreffende het financiële verloop en andere door de kansspelautoriteit noodzakelijk geachte gegevens. Deze gegevens omvatten in elk geval de in punt E.1 bedoelde processen-verbaal van de in dat kwartaal verrichte trekkingen.
De vergunninghouder is verplicht een jaarrekening en een jaarverslag op te stellen die voldoen aan de eisen gesteld in Boek 2, Titel 9, van het Burgerlijk Wetboek. De vergunninghouder kan de jaarrekening en het jaarverslag laten opstellen door de Holding, onder de voorwaarde dat in de jaarrekening en het jaarverslag verantwoording wordt afgelegd over de verschillende kansspelen waarop de jaarrekening en het jaarverslag betrekking hebben. De kansspelautoriteit kan aanwijzingen geven met betrekking tot de inrichting van de jaarrekening en het jaarverslag.
De vergunninghouder is verplicht een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek de jaarrekening en de naleving van de vergunningsvoorschriften te laten onderzoeken en de uitslag van dit onderzoek te laten weergeven in een verslag en een verklaring als bedoeld in het vierde en het vijfde lid van artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
De vergunninghouder is verplicht binnen vier maanden na afloop van elk kalenderjaar het jaarverslag, de jaarrekening met het verslag en een goedkeurende verklaring bedoeld in punt F.3 aan de kansspelautoriteit te zenden.
Artikel F
Rapportage en verslaglegging
Onderdeel van Vergunning BankGiro Loterij 2013/2014· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 6 augustus 2013