**1.** Maatregelen die tot doel hebben om werknemers op te leiden door middel van algemene scholing kunnen voor cofinanciering in aanmerking komen. De subsidiabele kosten zijn:
de personeelskosten van de opleiders en diegene die de opleiding volgen;
verplaatsings- en verblijfskosten;
opleidingsbenodigdheden;
begeleiding en advisering van opleidingstrajecten.
**2.** De maatregel komt slechts voor cofinanciering in aanmerking voor zover het subsidiebedrag niet meer dan 2 miljoen euro per onderneming per opleidingsproject bedraagt.
**3.** Artikel 1.2, vijfde lid en artikel 5.2, eerste lid, onderdeel c, zijn niet van toepassing indien het opleidingsproject een BBL betreft waarmee niet binnen zes maanden na de datum van de subsidiebeschikking, bedoeld in artikel 2.4, een aanvang kan worden gemaakt, mits de BBL aanvangt binnen twaalf maanden na de datum van de subsidiebeschikking. In afwijking van artikel 5.5, eerste lid, dient de hoofdaanvrager binnen dertien weken na beëindiging van de uitvoering van alle in de subsidiebeschikking genoemde maatregelen een aanvraag tot subsidievaststelling van het volledige sectorplan in bij de minister onder gebruikmaking van het daartoe door de minister beschikbaar gestelde elektronische formulier.
**4.** In afwijking van het eerste lid en artikel 5.1, eerste lid, bedraagt de subsidie voor een BBL 20% van de subsidiabele kosten, waarbij de subsidiabele kosten uitsluitend bestaan uit de loonkosten gedurende de eerste twee jaren van diegene die de opleiding volgt, waarbij het component brutoloon van de loonkosten dat voor subsidie in aanmerking komt, is gemaximeerd op het voor die persoon geldende wettelijk minimumloon.