Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Verordening op de Raad voor Toezicht· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2014

1. De Raad bestaat uit de volgende leden: een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter; en vijf accountants. 2. De voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter zijn werkzaam of zijn werkzaam geweest als rechterlijk ambtenaar met rechtspraak belast en zijn geen accountant. 3. De voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter mogen niet in relatie staan tot een accountantspraktijk of een accountantsafdeling, anders dan in een cliëntrelatie. 4. De leden van de Raad worden door het bestuur benoemd voor een periode van vier jaar. Een lid kan eenmaal worden herbenoemd. 5. De leden treden af volgens een door het bestuur vast te stellen rooster. Het rooster wordt zodanig ingericht, dat voor zover mogelijk telkenmale hetzelfde aantal leden aftreedt. 6. Hij die benoemd is ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats, treedt af op het tijdstip, waarop degene, in wiens plaats hij is benoemd, had moeten aftreden. 7. Hij die benoemd is ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats, kan eenmaal worden herbenoemd.

Rechtspraak bij dit artikel