**1.** Het gebruik van vrijheidsbeperkende middelen beperkt de gedetineerde niet verder in zijn vrijheid dan noodzakelijk ter voorkoming van ontvluchting of afwending van het van de gedetineerde ernstige gevaar voor diens gezondheid of veiligheid of de veiligheid van anderen.
**2.** Bij het gebruik van vrijheidsbeperkende middelen bedoeld in artikel 1, sub f, onder 3° tot en met 9°, wordt zoveel mogelijk voorkomen dat de gedetineerde wordt belemmerd in de zelfstandige uitoefening van de lichaamsfuncties eten, drinken, urineren, ontlasten en slapen.
Hoofdstuk 3
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Geweldsinstructie BES· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2014