**1.** Het bedrag dat verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een wijziging van een vergunning als bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, 5, eerste lid, en 6, eerste lid, bedraagt:
€ 13.984 van 1 januari 2026 tot 1 januari 2027: € 18.088,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing zal worden gegeven aan artikel 17, eerste lid, van de wet en het niet een gecompliceerd besluit betreft;
€ 6.624 van 1 januari 2026 tot 1 januari 2027: € 8.568,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing zal worden gegeven aan artikel 17, vierde lid, van de wet en het niet een gecompliceerd besluit betreft;
€ 53.728 van 1 januari 2026 tot 1 januari 2027: € 69.496,– indien het een gecompliceerd besluit betreft.
**2.** Het bedrag dat verschuldigd is voor de verlening van een wijziging van een vergunning als bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, 5, eerste lid, en 6, eerste lid, bedraagt:
€ 27.232 van 1 januari 2026 tot 1 januari 2027: € 35.224,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing is gegeven aan artikel 17, eerste lid, van de wet en het niet een gecompliceerd besluit betreft;
€ 14.352 van 1 januari 2026 tot 1 januari 2027: € 18.564,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing is gegeven aan artikel 17, vierde lid, van de wet en het niet een gecompliceerd besluit betreft;
€ 90.528 van 1 januari 2026 tot 1 januari 2027: € 117.096,– indien het een gecompliceerd besluit betreft.
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Besluit vergoedingen Kernenergiewet· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026