**1.** De stichting heeft een raad van toezicht bestaande uit minimaal vijf en maximaal zeven leden, waarvan de kosten ten laste komen van de stichting.
**2.** Leden van de raad van toezicht worden benoemd, geschorst of ontslagen door de minister.
**3.** De raad van toezicht stelt een profielschets op voor de leden van de raad van toezicht, rekening houdend met de aard van de stichting, haar activiteiten en de gewenste deskundigheid van de leden.
**4.** Leden van de raad van toezicht worden door de minister benoemd op voordacht van de raad van toezicht van de stichting. De voordracht vindt plaats met inachtneming van de profielschets bedoeld in het derde lid.
**5.** Indien de minister zich niet kan vinden in de door de raad van toezicht voorgedragen kandidaat, stelt hij de raad van toezicht in de gelegenheid binnen twee maanden een nieuwe kandidaat voor te dragen.
**6.** Leden van de raad van toezicht hebben daarin zitting voor ten hoogste vier jaar. Elk jaar treedt volgens een door de raad op te stellen rooster tenminste één lid af. Een lid is na aftreden volgens rooster éénmaal onmiddellijk herbenoembaar. Een tussentijds benoemd lid neemt de plaats in van zijn voorganger voor de resterende duur van diens zittingsperiode, tenzij deze periode korter duurt dan een jaar; hij is éénmaal onmiddellijk herbenoembaar.
**7.** Schorsing en ontslag van een lid van de raad van toezicht vindt slechts plaats wegens ongeschiktheid of onbekwaamheid voor de vervulde functie dan wel wegens andere zwaarwegende in de persoon van de betrokkene gelegen redenen. Ontslag vindt voorts plaats op eigen verzoek. Schorsing en ontslag als bedoeld in de eerste zin van dit artikellid vinden niet plaats dan na voorafgaande consultatie van de raad van toezicht.
**8.** Het lidmaatschap van een lid van de raad van toezicht eindigt:
door zijn overlijden;
doordat hij failliet wordt verklaard of hem surseance van betaling wordt verleend dan wel doordat de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen op hem van toepassing wordt verklaard;
door zijn ondercuratelestelling of doordat hij anderszins het vrije beheer over zijn vermogen verliest;
door zijn aftreden, al dan niet wegens het volbrengen van de vierjaarsperiode dan wel de achtjaarsperiode in lid 6 bedoeld;
doordat hij werknemer wordt van de stichting;
door het aanvaarden van een benoeming tot directielid van de stichting;
bij ontslag verleend door de minister.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 10
Raad van toezicht
Onderdeel van Statuten Stichting Nederlands Letterenfonds· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 1 april 2014