Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.3

Overgangsbepalingen in verband met de Wet kwaliteit in verscheidenheid hoger onderwijs

Onderdeel van Regeling aanmelding en toelating hoger onderwijs· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 september 2024

1. De deelname aan loting in het verleden, telt vanaf het studiejaar 2000/2001 mee voor het maximale aantal aanmeldingen, bedoeld in artikel 4.5, eerste lid. 2. Aspirant-studenten die in het studiejaar 2016/2017, een succesvol beroep hebben gedaan op de hardheidsclausule uitgelote aspirant-studenten, bedoeld in artikel 4.24, eerste lid, ontvangen een bewijs van toelating voor het studiejaar 2017/2018. 3. Aspirant-studenten op wie voor het studiejaar 2016/2017, artikel 4.19, tweede lid, van toepassing is, ontvangen een bewijs van toelating voor het studiejaar 2017/2018. 4. Aspirant-studenten wiens verzoek als bedoeld in artikel 4.19, derde lid, in het studiejaar 2016/2017, gehonoreerd wordt, ontvangen een bewijs van toelating voor het studiejaar 2017/2018. 5. Het instellingsbestuur draagt er zorg voor dat een aspirant-student die op grond van de leden 2 tot en met 5 een bewijs van toelating heeft ontvangen, wordt ingeschreven voor de betreffende opleiding. 6. Bezwaar- en beroepschriften die zijn ingediend naar aanleiding van het studiejaar 2016–2017 worden volgens het recht, zoals het in dat studiejaar gold, behandeld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel