Naar hoofdinhoud
De Inspecteur-generaal van het Onderwijs kan zijn bevoegdheden, genoemd in de artikelen 1 en 2, in een door hem te bepalen omvang mandateren of doorverlenen aan onder hem ressorterende functionarissen, met dien verstande dat hij geen mandaat verleent tot het nemen van besluiten op bezwaar aan dezelfde functionaris aan wie mandaat is verleend tot het nemen van het besluit waartegen het bezwaarschrift zich richt.

Rechtspraak bij dit artikel