**1.** Een dier wordt gedood door middel van een methode die waarborgt dat de dood onmiddellijk of na bedwelming, maar vóórdat de bewusteloosheid is geweken, intreedt.
**2.** In afwijking van het eerste lid behoeft een dier niet te worden bedwelmd indien een dier moet worden gedood:
ter beëindiging of voorkoming van onmiddellijk gevaar voor mens of dier of
ter beëindiging van ondraaglijk lijden van het dier.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen voor de daarin te onderscheiden diersoorten of categorieën dieren nadere regels worden gesteld ten aanzien van de methode, bedoeld in het eerste lid.
Hoofdstuk 1 › § 3
Artikel 1.13
Methoden
Onderdeel van Besluit houders van dieren· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2018