Naar hoofdinhoud

Paragraaf 1

Artikel 1

Vaststelling minimum VFR-vlieghoogte voor militaire vliegtuigen

Onderdeel van Regeling minimum VFR-vlieghoogten en VFR-vluchten buiten de daglichtperiode voor militaire vliegtuigen en helikopters· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 12 december 2014

1. De minimum vlieghoogte, bedoeld in paragraaf SERA.5005, onderdeel f, onder 2, van verordening (EU) nr. 923/2012, bedraagt voor militaire vliegtuigen, met uitzondering van voor opleidingsdoeleinden bestemde propellervliegtuigen, 300 meter (1.000 voet). 2. In afwijking van het eerste lid bedraagt de minimum vlieghoogte, bedoeld in paragraaf SERA.5005, onderdeel f, onder 2, van verordening (EU) nr. 923/2012: 365 meter (1.200 voet) voor militaire straalvliegtuigen in het luchtverkeersdienstverleningsgebied met klasse G; 450 meter (1.500 voet) voor militaire vliegtuigen boven de Waddenzee, met uitzondering van vluchten in de naderingsgebieden van de schietrange Vliehors. Treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit luchtverkeer 2014 in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel