Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Titel 2.23

Artikel 2.23.6

Afwijzingsgronden

Onderdeel van Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

De minister besluit afwijzend op een aanvraag indien: de kwaliteit van het project onvoldoende is, gelet op: de uitwerking van: het projectplan; het voorlopig of definitief ontwerp; de mijlpalenbegroting of; de exploitatieberekening; de mate waarin projectrisico’s worden geadresseerd; de onderbouwing dat alle benodigde partijen die een essentiële rol spelen in de keten van de warmtelevering en stakeholders in het project vertegenwoordigd zijn; de mate waarin de beschikbare middelen effectief en efficiënt worden ingezet; of de juridische haalbaarheid; de hoogte van de subsidie minder dan € 125.000,- bedraagt; niet aannemelijk is gemaakt dat het project bij subsidievaststelling zal voldoen aan artikel 26, tweede en vierde lid, onderdelen a en b, van de EED-richtlijn; niet aannemelijk is gemaakt dat het aan te leggen energie-efficiënte warmtenet of de uitbreiding van het energie-efficiënte warmtenet bij subsidievaststelling in gebruik zal worden genomen; het niet aannemelijk wordt geacht dat kan worden voldaan aan de termijnen genoemd in artikel 2.23.8.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel