Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Titel 2.28

Artikel 2.28.7

Afwijzingsgronden

Onderdeel van Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 26 november 2025

De minister beslist afwijzend op een aanvraag om subsidie, indien: onvoldoende vertrouwen bestaat dat de intermediaire onderneming gedurende de looptijd van het investeringsproject volledige zeggenschap heeft over het investeringsproject; de intermediaire onderneming niet beschikt over: een geldige registratie als bedoeld in artikel 38, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet; de vergunningen die noodzakelijk zijn voor de realisatie van het investeringsproject; het investeringsproject niet een werkingsprincipe of basistechniek betreft, zoals opgenomen in bijlage 2.28.1; de bewerkingscapaciteit door het investeringsproject waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet toeneemt; de voor subsidie in aanmerking komende kosten lager zijn dan € 150.000; of uit de beschrijving van het mestbewerkingsproces blijkt dat de massa van te bewerken mest voor meer dan 50% uit pluimveemest bestaat.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel