In deze titel wordt verstaan onder:
agrarisch natuurbeheer: beheer van het Nederlandse cultuurlandschap om een bijdrage te leveren aan het behalen van doelstellingen voor natuur, water en klimaat;
beekdalen: zones rond lijnvormige langzaam en snelstromende smalle natuurlijke waterlopen;
gecertificeerd agrarisch collectief: vereniging met volledige rechtsbevoegdheid bestaande uit landbouwers en andere grondgebruikers van landbouwgrond, die beschikt over een geldig certificaat collectief agrarisch natuurbeheer, verleend door gedeputeerde staten van de provincie op wiens grondgebied haar werkgebied is gelegen;
Gemeenschappelijk Landbouwbeleid: Gemeenschappelijk Landbouwbeleid voor de periode 2023–2027, bestaande uit Verordening (EU) 2021/2115 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 tot vaststelling van voorschriften inzake steun voor de strategische plannen die de lidstaten in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid opstellen (strategische GLB-plannen) en die uit het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) worden gefinancierd, en tot intrekking van Verordeningen (EU) nr. 1305/2013 en (EU) nr. 1307/2013 (PbEU 2021, L 435), Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1306/2013 (PbEU 2021, L 435), en Verordening (EU) 2021/2117 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1308/2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten, (EU) nr. 1151/2012 inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen, (EU) nr. 251/2014 inzake de definitie, de aanduiding, de aanbiedingsvorm, de etikettering en de bescherming van geografische aanduidingen van gearomatiseerde wijnbouwproducten en (EU) nr. 228/2013 houdende specifieke maatregelen op landbouwgebied ten behoeve van de ultraperifere gebieden van de Unie (PbEU 2021, L 435);
grondwaterbeschermingsgebied: gebied als bedoeld in artikel 2.18, eerste lid, onder c, van de Omgevingswet;
kennisdeling: een proces voor het verwerven, verzamelen en delen van expliciete en impliciete kennis, met inbegrip van vaardigheden en competenties voor zowel economische als niet-economische activiteiten;
leefgebied voor soorten die onderdeel uitmaken van het agrarisch- natuur en landschapsbeheer: een samenhangend landschapstype waarin doelsoorten of soortgroepen, zoals de grutto, duurzaam kunnen voorkomen omdat noodzakelijke ecologische voorwaarden aanwezig zijn;
Natura 2000-gebied: Natura 2000-gebied als bedoeld in de Omgevingswet;
niet-productieve investering: investering als bedoeld in artikel 2, onderdeel 39, van de groepsvrijstellingsverordening landbouw;
nieuwe GLB: landbouwbeleid voor de periode 2028 tot en met 2034, volgend op de huidige periode 2023 tot en met 2027 van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid, zoals is voorgesteld in het voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitvoering van de steun van de Unie aan het gemeenschappelijk landbouwbeleid voor de periode 2028–2034 (COM/2025/560 final);
onderzoeksorganisatie: organisatie voor onderzoek en kennisdeling als bedoeld in artikel 2, onderdeel 50, van de groepsvrijstellingsverordening landbouw;
prioritair gebied: beekdalen, leefgebied voor soorten die onderdeel uitmaken van het agrarisch natuur- en landschapsbeheer, gebied in en rondom Natura 2000-gebied, grondwaterbeschermingsgebied of veenweidegebied;
proefproject: proefproject als bedoeld in artikel 32, zesde lid, onder a, van de groepsvrijstellingsverordening landbouw, dat gericht is op het versterken van agrarisch natuurbeheer;
samenwerkingsverband: samenwerkingsverband van ten minste vier deelnemers waarvan tenminste één deelnemer een gecertificeerd agrarisch collectief is en tenminste één deelnemer een landbouwonderneming;
veenweidegebied: veengrond als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel n, van de Meststoffenwet in de provincies Fryslân, Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en in de provincie Groningen in de gemeenten Groningen, Midden-Groningen en Westerkwartier en in de provincie Overijssel in de gemeenten Kampen, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle;
zwaar agrarisch natuurbeheer: beheer, niet zijnde legselbeheer, dat een grote invloed heeft op doelsoorten, habitattypen of ten behoeve van doelen voor omliggende natuur, water en klimaat, én relatief veel inspanning, ruimte en opbrengstverlies voor agrariërs in een gebied met zich meebrengen.
Hoofdstuk 2 › Titel 2.29
Artikel 2.29.1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 25 april 2026