De minister beslist afwijzend op een aanvraag, indien:
reeds op grond van deze titel subsidie is verstrekt aan de subsidieaanvrager;
de subsidieaanvrager nog geen inzicht heeft verkregen, door middel van een digitaliseringsscan, in hoe ver zijn of haar bedrijf is in de toepassing van productiviteitsverhogende technologieën;
de ingediende offerte niet aansluit op de in de routekaart opgenomen digitaliseringsmogelijkheden;
in de aanvraag kosten zijn opgenomen voor:
aanschaf van hardware die geen verband houden met aangeschafte software opgenomen in de routekaart niveau 1;
aankoopadvies dat door dezelfde partij wordt geleverd als waar een product wordt aangeschaft;
social media abonnementen waarvoor betaald moet worden;
de dienst die, of het product dat, vermeld wordt op de ingediende offerte, niet aansluit bij de diensten of producten die de leverancier normaliter levert;
de subsidieaanvrager, die een onderneming in stand houdt als bedoeld in artikel 3.18.2, tweede lid, subsidie aanvraagt voor een economische activiteit, als bedoeld in artikel 3.18.2, derde lid, en deze subsidieaanvrager:
voor die economische activiteit geen aparte boekhouding voert van de overige economische activiteiten van zijn onderneming; of
het risico bestaat dat de subsidieaanvrager de verkregen subsidie ook aanwendt voor de in artikel 3.18.2, derde lid, onderdeel b, bedoelde overige economische activiteiten.
de subsidiabele kosten minder dan € 1.000 bedragen.
Abusievelijk is voor onderdeel e, subonderdeel 1° (nieuw) een
wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd.
Hoofdstuk 3 › Titel 3.18
Artikel 3.18.7
Afwijzingsgronden
Onderdeel van Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 17 mei 2023