Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Titel 3.27

Artikel 3.27.2

Subsidieverstrekking

Onderdeel van Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 9 juni 2026

1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan één of meer in Nederland gevestigde ondernemingen of onderzoeksorganisaties voor het uitvoeren van een Nederlands belangrijk project dat gericht is op het verwezenlijken van één of meer van de Europese doelstellingen en strategieën, bedoeld in paragraaf 3.2.1, onderdeel 14, van het IPCEI-steunkader, op één van de volgende deelgebieden, zoals uitgewerkt in het toepasselijke Europese centrale narratief: algemene en pre-commerciële ontwikkeling van geavanceerde halfgeleidertechnologieën, voor zover het de activiteiten, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, betreft; onderzoek en ontwikkeling van geavanceerde halfgeleidertechnologieën, voor zover het de activiteiten, bedoeld in het tweede lid, onderdelen b en c, betreft. 2. Een Nederlands belangrijk project omvat een samenhangend geheel van activiteiten, dat kan bestaan uit: één of meer van de volgende activiteiten, uitgevoerd door een onderneming die voor het uitvoeren van deze activiteiten als directe partner is vermeld in het Europese goedkeuringsbesluit: onderzoek en ontwikkeling; de eerste industriële toepassing van innovatieve producten of diensten; infrastructuurprojectactiviteiten; één of meer van de volgende economische activiteiten, uitgevoerd door een onderneming: industrieel onderzoek door een onderneming; experimentele ontwikkeling door een onderneming; een haalbaarheidsstudie door een onderneming; de bouw of het upgraden van onderzoeksinfrastructuur door een onderneming; uitbreidingsinvesteringen door een middelgrote of kleine onderneming voor de aanschaf of het gebruiksklaar maken van materiële of immateriële activa ten behoeve van de oprichting van een nieuwe vestiging, de uitbreiding van een bestaande vestiging, de diversificatie van de productie van een bestaande vestiging in nieuwe, bijkomende producten, of een fundamentele wijziging van delen van of het volledige productieproces van een bestaande vestiging van deze onderneming, waarbij bij het gebruik van immateriële activa wordt voldaan aan de voorwaarden die zijn opgenomen in artikel 17, vierde lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; één of meer van de volgende niet-economische onderzoeksactiviteiten, onafhankelijk uitgevoerd met het oog op meer kennis en een beter inzicht door een onderzoeksorganisatie: industrieel onderzoek door een onderzoeksorganisatie; experimentele ontwikkeling door een onderzoeksorganisatie; een haalbaarheidsstudie door een onderzoeksorganisatie. 3. De subsidieontvanger, bedoeld in het eerste lid, voert de activiteiten van een Nederlands belangrijk project, bedoeld in het tweede lid, uit in een Europees samenwerkingsverband en, indien het Nederlandse belangrijke project betrekking heeft op het deelgebied onderzoek en ontwikkeling van geavanceerde halfgeleidertechnologieën, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, ook in een bijhorend onderliggend Nederlands samenwerkingsverband van ten minste twee in Nederland gevestigde ondernemingen. 4. De penvoerder van een Nederlands samenwerkingsverband is een onderneming, indien het Nederlandse belangrijke project betrekking heeft op het deelgebied onderzoek en ontwikkeling van geavanceerde halfgeleidertechnologieën, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b. 5. Voor zover dit uit het Europees goedkeuringsbesluit volgt of naar het oordeel van de minister passend is, kan de subsidie, bedoeld in het eerste lid, aan een onderneming worden verstrekt in de vorm van: een subsidie met terugbetalingsverplichting; of een geldlening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel