**1.** Een RSO staat onder leiding van een Hoofd RSO. Het Hoofd RSO geeft leiding aan diegenen die bij de RSO werkzaam zijn.
**2.** Het Hoofd RSO is voor zijn taakuitoefening en die van zijn RSO verantwoording schuldig aan DBV en aan directeuren betreffende hun specifieke taakgebieden.
**3.** Het Hoofd RSO is gehouden aanwijzingen op te volgen en vragen te beantwoorden van DBV en van directeuren betreffende hun specifieke taakgebieden.
**4.** Het Hoofd RSO kan gevraagd en ongevraagd adviezen geven aan DBV, directeuren en CdP’s aangaande de goede uitvoering van de bedrijfsvoeringstaken en de consulaire taken.
**5.** Het Hoofd RSO informeert periodiek:
PSG en DBV over de voortgang van de werkzaamheden die de RSO verricht;
de directeuren over de voortgang van de werkzaamheden die de RSO op hun specifieke beleidsterrein verricht;
de betrokken CdP’s over de voortgang van de werkzaamheden die het RSO voor of in relatie tot hun posten verricht.
**6.** Het Hoofd RSO kan medewerkers van posten aanwijzingen geven betreffende de wijze waarop zij medewerking moeten verlenen aan de taken die aan het RSO zijn opgedragen.
Artikel 3
Hoofd RSO
Onderdeel van Besluit Orgaanbeschrijving Regionale Service Organisaties 2015· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2015