Met ingang van 1 januari 2026 luiden de bedragen, genoemd in artikel 12.14, tweede lid, van de WSF 2000, als volgt:
thuiswonende
uitwonende
a. maandbedrag als bedoeld in overzicht 1 van artikel 3.18
€ 859,63
€ 1.130,77
b. basisbeurs als bedoeld in overzicht 2 van artikel 3.18
€ 136,07
€ 378,82
c. maximale aanvullende beurs of lening als bedoeld in overzicht 2 van artikel 3.18
€ 334,37
€ 362,76
d. basislening als bedoeld in overzicht 2 van artikel 3.18
€ 389,19
€ 389,19
Hoofdstuk 2
Artikel 8b
Normbedragen cohortgarantie
Onderdeel van Regeling normen WSF 2000, WTOS en WSF BES· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026