Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Afdeling 5.1

Artikel 5.2

Wijzen van uitoefening van de praktijk

Onderdeel van Verordening op de advocatuur· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2015

De advocaat oefent de praktijk uit op een of meer van de volgende wijzen: zelfstandig, in een eenmanszaak of in de vorm van een praktijkrechtspersoon, waarover hij zeggenschap uitoefent; in een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 5.3, waarbij de advocaat niet in dienst is van dat samenwerkingsverband; in dienst van een werkgever als bedoeld in artikel 5.9.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel