**1.** Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van een daartoe door Onze Minister beschikbaar gesteld middel.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de aanvraag om subsidie en over de periode waarbinnen de aanvraag wordt ingediend.
**3.** De aanvraag gaat vergezeld van de in het middel aangegeven bescheiden.
**4.** De aanvraag bevat, tenzij bij ministeriële regeling anders is bepaald, in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden:
een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
een toelichting op de wijze waarop en de mate waarin de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd een bijdrage leveren aan de doelstellingen van de desbetreffende ministeriële regeling;
een gespecificeerde begroting, die een goed inzicht geeft in de kosten van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
een tijdplanning van de activiteit;
indien voorschotten worden gewenst, een weergave van de liquiditeitsbehoefte gedurende het tijdvak waarvoor subsidie wordt gevraagd, zo mogelijk per tijdvak van drie maanden;
het bankrekeningnummer waarop het subsidiebedrag dient te worden gestort, inclusief een bewijs dat de bankrekening op naam van de aanvrager staat;
indien van toepassing, het inschrijfnummer van de aanvrager bij de Kamer van Koophandel.
**5.** Bij de aanvraag tot subsidieverlening voor een subsidie van € 25 000,– of meer kan een gespecificeerde begroting worden overlegd, waaruit ten minste blijkt hoe hoog de totale kosten van de te subsidiëren activiteit zijn.
Hoofdstuk 5
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Kaderbesluit subsidies I en M· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2015