Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Regeling lokaal spoor· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 december 2015

1. Om te voldoen aan artikel 32, tweede lid, onderdelen a tot en met d, van de wet, beschikt een historisch spoorvoertuig waarmee incidenteel vervoer wordt verricht in ieder geval over de volgende eigenschappen: de maatvoering is zodanig dat aan de eisen van het kinematisch omgrenzingsprofiel wordt voldaan; de wielen, assen, veren en dempers zijn zo op elkaar en op het spoor afgestemd dat een veilig en ongestoord gebruik van de lokale spoorweg gewaarborgd is; het is voorzien van: aan de voorzijde, achterzijde en iedere zijkant het wagennummer; ten minste één remsysteem, dat ook bij het wegvallen van de tractie of externe energievoorziening het spoorvoertuig tot stilstand kan brengen; een toestel voor het afgeven van geluidssignalen; ten minste één wit stralend licht aan de voorzijde; 5˚. ten minste één rood stralend licht aan de achterzijde. 2. Historische spoorvoertuigen zonder eigen tractie die worden getrokken hoeven niet te voldoen aan het eerste lid, onderdeel c, aanhef en onder 2°, 3°, en 4°. Treedt in werking op het tijdstip waarop de hoofdstukken 2 tot en met 10 van de Wet lokaal spoor in werking treden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel