Het reglement, bedoeld in artikel 55a, tweede lid, van de wet, omvat ten aanzien van collegiale leningen ten minste:
de bepaling dat de looptijd ten hoogste vijf jaar bedraagt;
de bepaling dat de rente ten hoogste het door de borgingsvoorziening ten behoeve van de borging van leningen aan toegelaten instellingen gehanteerde spottarief inzake het actuele rentemaximum bij een looptijd tot en met vijf jaar bedraagt;
de bepaling dat, indien zodanige leningen worden aangetrokken zonder gebruikmaking van de borgingsvoorziening, gebruik wordt gemaakt van de modelovereenkomst die is opgenomen in bijlage 8 bij deze regeling;
de bepaling dat zodanige leningen uitsluitend worden verstrekt uit middelen die zijn ondergebracht in de daeb-tak.
de bepaling dat verantwoording wordt afgelegd in het jaarverslag.
Hoofdstuk III › Afdeling 5 › § 2
Artikel 40a
Artikel 40a
Onderdeel van Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015· Wonen, onroerend goed, bouwrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2022