**1.** Een vergunning kan slechts worden verleend indien op grond van de aanvraag voldoende aannemelijk is dat de bouw en exploitatie van het windpark:
uitvoerbaar is;
technisch haalbaar is;
financieel haalbaar is;
gestart kan worden binnen de bij ministeriële regeling te bepalen perioden;
economisch haalbaar is binnen het in de vergunning bepaalde tijdvak;
voldoet aan het kavelbesluit.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de beoordelingscriteria, bedoeld in het eerste lid.
**3.** Onze Minister beslist tevens afwijzend op een aanvraag indien:
de aanvraag niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens de artikelen 12a, eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid en 14a, derde en vierde lid;
aan de middellijke of onmiddellijke zeggenschap over de aanvrager onaanvaardbare risico’s verbonden zijn voor de openbare veiligheid, de voorzieningszekerheid of de leveringszekerheid van elektriciteit.
Hoofdstuk 3 › § 3.1
Artikel 14
Artikel 14
Onderdeel van Wet windenergie op zee· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026