Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Samenstelling en benoemingsvereisten

Onderdeel van Reglement ontslagadviescommissie UWV 2015· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 2 september 2015

1. De ontslagcommissie bestaat uit vertegenwoordigers van werkgevers- en werknemersorganisaties. 2. Bevoegd tot voordracht van een persoon voor benoeming tot lid van de ontslagadviescommissie zijn de organisaties van werkgevers en werknemers die door de Stichting van de Arbeid als representatieve organisaties zijn aangewezen. 3. De helft van het aantal voordrachten komt van organisaties van werkgevers en de helft van het aantal voordrachten komt van organisaties van werknemers. De door de Stichting van de Arbeid gehanteerde onderlinge getalsverhouding is bepalend voor het aantal voordrachten dat elke organisatie kan doen. 4. De organisaties selecteren de voor benoeming voor te dragen personen op basis van deskundigheid, alsmede de affiniteit die zij hebben met het gedachtengoed van de betreffende organisatie. De voorgedragen personen moeten aan meerdere van de volgende criteria voldoen: zij zijn op het moment van benoeming actief werkzaam in/betrokken bij het bedrijfsleven/vakbond en beschikken over actuele kennis van vaktechnische ontwikkelingen en arbeidsmarktkennis; zij hebben kennis van en voeling met het arbeidsproces/arbeidsmarkt in ruime zin. Om een brede inzetbaarheid mogelijk te maken is kennis van meerdere sectoren/branches noodzakelijk; zij hebben kennis van en affiniteit met het arbeidsrecht in het algemeen en het ontslagrecht in het bijzonder; zij hebben kennis van en affiniteit met financiële analyses; zij kunnen zowel abstract als concreet redeneren, beschikken over goede mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheden en relativeringsvermogen; zij zijn ten minste zes maal per jaar beschikbaar voor vergaderingen van de ontslagadviescommissie. Daarnaast zijn zij, indien de voortgang van de werkzaamheden van AJD dat vereist en in overleg met AJD, op korte termijn oproepbaar voor vergaderingen. 5. Een lid van de ontslagadviescommissie adviseert onafhankelijk en zonder last of ruggespraak. 6. Een lid van de ontslagadviescommissie heeft een geheimhoudingsplicht. 7. Een werknemer van UWV kan gedurende het dienstverband met UWV geen lid zijn van de ontslagadviescommissie. Het voorgaande geldt ook gedurende twee jaar na beëindiging van dat dienstverband. 8. Het voorgaande lid is eveneens van toepassing op personen die, buiten dienstverband met UWV, werkzaamheden voor UWV verrichten die vergelijkbaar zijn met de werkzaamheden die gewoonlijk door werknemers van UWV worden verricht.

Rechtspraak bij dit artikel