Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Uitgaande werknemers

Onderdeel van Loonheffingen, inkomstenbelasting, internationale aspecten van pensioenen en stamrechten· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 28 oktober 2015

In dit hoofdstuk ga ik in op twee situaties die op pensioengebied kunnen voorkomen als een werknemer in het buitenland gaat werken (uitgaande werknemer): De werknemer wenst de deelneming in de Nederlandse pensioenregeling tijdens zijn verblijf in het buitenland voort te zetten (paragraaf 3.2). Op verzoek van de werknemer vindt een overdracht van het pensioenkapitaal (waardeoverdracht) plaats van de pensioenverzekeraar in de zin van artikel 19a, eerste lid, van de Wet LB aan een buitenlandse, fiscaal niet-aangewezen pensioenuitvoerder (paragraaf 3.3). In situatie a kan de vraag ontstaan in welke gevallen Nederland de voortgezette regeling nog fiscaal facilieert. Bij situatie b is van belang dat de wet de mogelijkheid biedt voorwaarden te stellen aan de overdracht. Van deze mogelijkheid maak ik in dit besluit gebruik. Indien de betrokkenen bij een overdracht niet aan die voorwaarden voldoen, kan de overdracht een belaste afkoop vormen. Ik heb in de besluiten van 16 april 2001, nr. RTB2001/1325M, en 24 juli 2002, nr. CPP2002/1073M, antwoord gegeven op vragen over de mogelijkheden van voortzetting. Deze antwoorden betreffen rechtstreekse wetstoepassing. Beide besluiten zijn vervallen. De standpunten uit de antwoorden zijn terug te vinden bij de V&A’s voor artikel 18g van de Wet LB op www.belastingdienstpensioensite.nl. Deze paragraaf behandelt de waardeoverdrachten op verzoek van een werknemer door een pensioenverzekeraar in de zin van artikel 19a, eerste lid, van de Wet LB aan een buitenlandse, fiscaal niet-aangewezen pensioenuitvoerder. Het gaat om een overdracht vanuit een Nederlandse pensioenregeling aan een buitenlandse pensioenuitvoerder of om een vervolgoverdracht aan een buitenlandse pensioenuitvoerder na een eerdere waardeoverdracht van een Nederlandse pensioenregeling aan een fiscaal niet-aangewezen buitenlandse pensioenuitvoerder. Voor beide soorten overdrachten gelden dezelfde voorwaarden. De overnemende pensioenuitvoerder is geen pensioenverzekeraar als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, van de Wet LB. In bepaalde gevallen kan een dergelijke overdracht zonder loonheffingen plaatsvinden op grond van artikel 19b, zesde lid, van de Wet LB. De bepaling betreft de aanvaarding van een dienstbetrekking buiten Nederland of bij een internationale organisatie in Nederland. Deze paragraaf bevat de uitwerking van de in het artikel bedoelde voorwaarden. Subparagraaf 3.3.1 behandelt de voorwaarden voor de overdrachten in het algemeen van pensioenkapitaal aan buitenlandse, fiscaal niet-aangewezen pensioenuitvoerders. Daarna volgen twee soorten overdrachten waarvoor afwijkende, specifieke regels gelden. Het gaat in de eerste plaats om de overdrachten van pensioenkapitaal aan (de pensioenuitvoerder van) de EU of de ECB (paragraaf 3.3.2). Daarna volgen in subparagraaf 3.3.3 de overdrachten aan (de pensioenuitvoerders van) internationale organisaties, zowel die in Nederland als die in het buitenland. Nieuw bij deze overdrachten is een versoepeling bij (gedeeltelijke) afkoop van een buitenlandse pensioenregeling voor zover het afgekochte deel niet ten laste van het Nederlandse inkomen is opgebouwd. Ter vermindering van de administratieve lasten geldt de voorwaarde van akkoordverklaring met de hoogte van het over te dragen pensioenkapitaal alleen voor overdrachten door een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen d en e, van de Wet LB. Het gaat daarbij om een lichaam dat een pensioenovereenkomst met een directeur-grootaandeelhouder uitvoert. De voorwaarden voor overdracht sluiten aan bij de wet- en regelgeving rond de PW. Daarbij beoog ik een gelijke fiscale behandeling van pensioenverzekeraars die wel en pensioenverzekeraars die niet onder de PW vallen. Op grond van artikel 19b, zesde lid, van de Wet LB kan een waardeoverdracht zonder loonheffingen plaatsvinden indien het gaat om een overdracht in het kader van de aanvaarding van een dienstbetrekking buiten Nederland. Ik mandateer hierbij (met de bevoegdheid tot ondermandaat) aan de inspecteur de bevoegdheid ermee in te stemmen dat een waardeoverdracht of vervolgoverdracht aan een buitenlandse pensioenuitvoerder zonder loonheffingen geschiedt. Daarbij gelden de voorwaarden en bijzonderheden van bijlage IV van dit besluit. Ik ben met de Europese Commissie en de ECB zogenoemde ‘working arrangements’ overeengekomen. Deze arrangements zijn mede tot stand gekomen in het licht van het arrest van het Hof van Justitie van de EG van 20 maart 1986, zaak 72/85 (gepubliceerd in Jurisprudentie van het Hof van Justitie, 1986-3, blz. 1219 e.v.). De arrangements regelen de fiscale consequenties van waardeoverdrachten aan (een pensioenuitvoerder van) de Europese Unie of de ECB. Daarbij gelden de voorwaarden en bijzonderheden van bijlage V van dit besluit. Deze voorwaarden en bijzonderheden zijn grotendeels overgenomen uit de arrangements. Indien een pensioenverzekeraar een waardeoverdracht doet aan (een pensioenuitvoerder van) de EU of de ECB dient deze overdracht te voldoen aan de voorwaarden en bijzonderheden uit die bijlage. In dat geval kan de waardeoverdracht zonder loonheffingen geschieden. Instemming van de inspecteur is dan niet noodzakelijk. Op grond van artikel 19b, zesde lid, van de Wet LB kan een waardeoverdracht zonder loonheffingen plaatsvinden indien het gaat om een overdracht in het kader van de aanvaarding van een dienstbetrekking bij een internationale organisatie die al dan niet in Nederland is gevestigd. Ik mandateer hierbij aan de inspecteur de bevoegdheid ermee in te stemmen dat een waardeoverdracht of vervolgoverdracht aan (de pensioenuitvoerder van) die internationale organisatie zonder loonheffingen geschiedt. Daarbij gelden de voorwaarden en bijzonderheden van bijlage VI van dit besluit. Voor de goede orde merk ik op dat overdrachten aan (de pensioenuitvoerders van) de EU of de ECB niet onder deze paragraaf vallen maar onder subparagraaf 3.3.2.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel