Oproepen in het kader van nevenactiviteiten in het media-aanbod zoals genoemd in artikel 2.90 van de wet zijn toegestaan, indien:
het mededelingen over het ter beschikking stellen aan derden van producten of diensten die voortkomen uit nevenactiviteiten betreft, voor zover:
de mededeling ziet op een nevenactiviteit in cluster 1;
de nevenactiviteit niet eerder dan één maand na de laatste oproep terzake op de markt wordt gebracht;
in de mededeling de betrokken publieke media-instelling uitsluitend als uitgever wordt genoemd; en
de mededeling plaatsheeft in onmiddellijke aansluiting op het onderdeel van het media-aanbod waarop de mededeling betrekking heeft;
het een programmatitel betreft die een gelijkluidende of nagenoeg gelijkluidende naam heeft als een product of dienst die wordt geëxploiteerd in het kader van een nevenactiviteit, voor zover:
de activiteit een toegestane nevenactiviteit is; en
eventuele derden waarmee de publieke media-instelling in het kader van de nevenactiviteit een samenwerkingsverband is aangegaan het betreffende media-aanbod niet sponsort.
Het tweede is ook van toepassing op toegestane nevenactiviteiten die uit niet meer bestaan dan de licentieverlening van een auteurs- of merkrecht op een programmatitel aan een derde.
Artikel 16
Uitingen in het kader van nevenactiviteiten
Onderdeel van Beleidsregels nevenactiviteiten 2016· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2016