Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Besluit implementatie richtlijn 2012/34/EU tot instelling van één Europese spoorwegruimte· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 17 februari 2018

In dit besluit en de daarop rustende bepalingen, wordt verstaan onder: alternatief traject: alternatief traject als bedoeld in artikel 3, onderdeel 9, van richtlijn 2012/34/EU; dienstregelingsjaar: de periode gelegen tussen het moment, bedoeld in bijlage VII, onderdeel 2, eerste volzin, van richtlijn 2012/34/EU, waarop de wijziging van de dienstregeling plaatsvindt en het daarop volgende moment waarop wijziging van de dienstregeling plaatsvindt; levensvatbaar alternatief: levensvatbaar alternatief als bedoeld in artikel 3, onderdeel 10, van richtlijn 2012/34/EU; methode voor toerekening: methode voor de toerekening van de kosten aan het aan spoorwegondernemingen aangeboden minimumtoegangspakket als bedoeld in artikel 63, eerste lid, van de wet; redelijke winst: redelijke winst als bedoeld in artikel 3, onderdeel 17, van richtlijn 2012/34/EU; uitvoeringsverordening (EU) 2015/429: uitvoeringsverordening (EU) 2015/429 van de Europese Commissie van 13 maart 2015 tot vaststelling van de modaliteiten voor het opleggen van heffingen voor de kosten van geluidshinder (PbEU 2015, L 70/36); uitvoeringsverordening (EU) 2015/909: uitvoeringsverordening (EU) 2015/909 van de Europese Commissie van 12 juni 2015 betreffende de modaliteiten voor de berekening van de kosten die rechtstreeks uit de exploitatie van de treindienst voortvloeien (PbEU 2015, L 148); wet:Spoorwegwet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel