Indien na uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 2.8 van de Erfgoedwet, de subsidie niet volledig is aangewend en langetermijninvesteringsreserves zijn aangehouden voor het beheer van de cultuurgoederen of de instandhouding van gebouwen, zoals opgenomen in de begroting voor het desbetreffende jaar, dan kan de instelling de resterende middelen besteden aan publieksactiviteiten of andere activiteiten in het kader van de cultuurgoederen.
Artikel III, tweede lid, van Stcrt. 2019/61036 bevat
overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Hoofdstuk 3 › § 1
Artikel 3.11
Besteding resterende middelen
Onderdeel van Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingen· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 12 november 2019