Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › § 2

Artikel 3.17

Hoogte subsidiebedragen

Onderdeel van Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingen· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 7 mei 2025

1. De subsidie,2Inclusief loon- en prijsbijstelling 2023. bedoeld in artikel 3.14, eerste lid, bedraagt voor de volgende instellingen met een wettelijke taak jaarlijks: Stichting Eye Filmmuseum € 5.034.691 Stichting Haags Historisch Museum € 296.730 Stichting het Nederlands Openluchtmuseum, Nationaal Museum voor Nederlandse Volkskunde € 6.213.494 Stichting Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid € 256.143 Stichting Het Nieuwe Instituut € 6.040.502 Stichting Het Rijksmuseum € 8.777.904 Stichting Joods Historisch Museum € 3.439.695 Stichting Keramiekmuseum Het Princessehof € 1.590.667 Stichting Koninklijk Kabinet van Schilderijen Mauritshuis € 2.058.287 Stichting Kröller-Müller Museum € 2.145.944 Stichting Museum Catharijneconvent € 3.484.263 Stichting Museum Slot Loevestein € 242.945 Stichting Nationaal Glasmuseum Leerdam € 384.316 Stichting Nationaal Museum van Wereldculturen € 12.861.110 Stichting Naturalis Biodiversity Center € 10.250.293 Stichting Nederlands Fotomuseum € 1.032.992 Stichting Nederlands Literatuurmuseum en Literatuurarchief € 2.010.552 Stichting Nederlands Scheepvaartmuseum Amsterdam € 2.446.113 Stichting Paleis Het Loo, Nationaal Museum € 3.768.628 Stichting Rijksmuseum Muiderslot € 341.061 Stichting Rijksmuseum Twenthe € 1.144.321 Stichting Rijksmuseum van Oudheden € 4.843.141 Stichting tot Beheer en Instandhouding van Teylers Museum € 1.681.463 Stichting tot Beheer van het Museum Boerhaave, Rijksmuseum voor de geschiedenis van de natuurwetenschappen en van de geneeskunde € 2.479.819 Stichting tot beheer van het Museum van het Boek / Museum Meermanno-Westreenianum € 1.018.776 Stichting tot Beheer van Huis Doorn € 362.955 Stichting Van Gogh Museum voorheen Rijksmuseum Vincent van Gogh / Rijksmuseum H.W. Mesdag € 1.742.336 Stichting Zuiderzeemuseum € 4.350.461 2. De subsidie,3Inclusief loon- en prijsbijstelling 2023. bedoeld in artikel 3.14, tweede lid, onderdeel a, bedraagt voor de volgende instelling met een wettelijke taak jaarlijks: Instelling Bedrag Stichting tot Exploitatie van het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie € 1.662.496 3. De subsidie, bedoeld in artikel 3.14, tweede lid, onderdeel b, onder 1°, bedraagt voor de volgende instelling met een wettelijke taak jaarlijks: Instelling Bedrag Stichting het Nederlands Openluchtmuseum, Nationaal Museum voor Nederlandse Volkskunde € 1.001.551 4. De subsidie, bedoeld in artikel 3.14, tweede lid, onderdeel b, onder 2°, bedraagt voor de volgende instelling met een wettelijke taak jaarlijks: Instelling Bedrag Stichting het Nederlands Openluchtmuseum, Nationaal Museum voor Nederlandse Volkskunde € 110.429 5. De subsidie, bedoeld in artikel 3.14, tweede lid, onderdeel c, bedraagt voor de volgende instelling met een wettelijke taak jaarlijks: Instelling Bedrag Stichting Naturalis Biodiversity Center € 358.538 6. De subsidie, bedoeld in artikel 3.14, tweede lid, onderdeel d, bedraagt voor de volgende instelling met een wettelijke taak jaarlijks: Instelling Bedrag Stichting Het Rijksmuseum € 226.503

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel