**1.** Een instelling met een wettelijke taak dient jaarlijks uiterlijk op 1 november de volgende documenten in bij de minister:
een begroting; en
voor zover van toepassing, een onderhouds- en investeringsplan als bedoeld in artikel 3.7.
**2.** De begroting behelst een overzicht van de voor het kalenderjaar geraamde baten en lasten van de aanvrager, voor zover deze betrekking hebben op de wettelijke taak waarmee de instelling is belast, en sluit aan op het door de minister verleende subsidiebedrag.
**3.** De begroting bevat een postgewijze toelichting.
**4.** De artikelen 2.5, vierde lid, 2.6 en 2.7 van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid zijn van overeenkomstige toepassing.
**5.** Indiening van een onderhouds- en investeringsplan als bedoeld in artikel 3.7 kan achterwege blijven, indien de instelling met een wettelijke taak er redelijkerwijs van uit kan gaan dat de minister al over de meest recente versie van het plan beschikt.
**6.** Indien uitvoering van wettelijke taak aan de hand van de ingediende documenten, bedoeld in het eerste lid, naar het oordeel van de minister bezwaarlijk is, kan hij de subsidieontvanger aanwijzingen geven tot wijziging van die documenten.
Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2024/13878 gesteld op 19
september 2024.
Hoofdstuk 3 › § 1
Artikel 3.5
Subsidieverplichting: in te dienen documenten
Onderdeel van Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingen· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 17 september 2024