**1.** Het Zorginstituut berekent het normatieve bedrag 2016 van een zorgverzekeraar als de som van het op grond van het in dit hoofdstuk berekende deelbedrag variabele zorgkosten 2016, het deelbedrag vaste zorgkosten 2016, het deelbedrag kosten van verpleging en verzorging 2016, het deelbedrag kosten van geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2016 en het deelbedrag kosten van langdurige geestelijke gezondheidszorg 2016.
**2.** Het Zorginstituut berekent de opbrengst van de nominale rekenpremie 2016 per zorgverzekeraar door de geraamde aantallen verzekerden van achttien jaar en ouder 2016 per zorgverzekeraar te vermenigvuldigen met de nominale rekenpremie 2016.
**3.** Het Zorginstituut vermindert het resultaat van het tweede lid met 0,06661 procent.
**4.** Het Zorginstituut berekent de vereveningsbijdrage 2016 voor een zorgverzekeraar door op het normatieve bedrag 2016, bedoeld in het eerste lid, de normatieve eigen risico opbrengst 2016 zoals bepaald in artikel 37, vijfde lid en de op grond van het tweede en derde lid berekende opbrengst van de nominale rekenpremie 2016 in mindering te brengen.
**5.** Het Zorginstituut berekent per zorgverzekeraar de uitkering in verband met uitvoeringskosten van verzekerden jonger dan achttien jaar 2016. Deze uitkering bedraagt het aantal geraamde verzekerden jonger dan achttien jaar vermenigvuldigd met € 43,00.
**6.** Het Zorginstituut kent de vereveningsbijdrage 2016 ter hoogte van de bijdrage berekend in het vierde lid, aangevuld met het bedrag, berekend in het vijfde lid, aan de zorgverzekeraar toe.
Hoofdstuk II
Artikel 38
De berekening van het normatieve bedrag en de berekening en toekenning van de vereveningsbijdrage
Onderdeel van Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2016· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 19 februari 2016