**1.** Conform artikel 13 van de Kaderwet oefenen bestuursleden geen nevenfuncties uit die met het oog op een goede vervulling van zijn functie of handhaving van zijn onafhankelijkheid ongewenst zijn.
**2.** In verband met artikel 13, tweede en derde lid, van de Kaderwet worden nevenfuncties en belangen van de leden van de CCD als onderdeel van de verklaring in de Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling (Bijlage 1) openbaar gemaakt.
Artikel 4
Nevenfuncties
Onderdeel van Bestuursreglement CCD· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 31 januari 2015