**1.** De ingevolge deze wet gewijzigde wetten alsmede de daarop berustende bepalingen blijven – met inbegrip van bepalingen van overgangsrecht – en onverlet artikel 286, derde lid, van het Douanewetboek van de Unie – van toepassing zoals zij golden onmiddellijk voorafgaande aan de datum van inwerkingtreding van deze wet voor zover zij betrekking hebben op:
de heffing van belastingen en rechten bij invoer waarvan de feiten die aanleiding geven tot het ontstaan van de verschuldigdheid van die belastingen en rechten bij invoer zich hebben voorgedaan vóór de dag van de inwerkingtreding van deze wet;
strafbare feiten en feiten die aanleiding kunnen zijn tot het opleggen van een bestuurlijke boete welke zich hebben voorgedaan vóór de dag van de inwerkingtreding van deze wet.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de overgang naar het gebruik van het volledig van toepassing worden van de bepalingen van de Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (PbEU 2013, L 269), de daarop berustende EU-rechtshandelingen en de daarmee verband houdende procedures.
Hoofdstuk
Artikel XV
Artikel XV
Onderdeel van Wet aanpassingen aan het Douanewetboek van de Unie· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 mei 2016