De meetverantwoordelijke legt, voor zover van toepassing, de volgende gegevens van elke door hem beheerde meetinrichting vast in een meterregister en houdt deze gegevens actueel:
de EAN-code van de aansluiting waar de meetinrichting bij hoort;
van elk in gebruik zijnd telwerk:
het nummer van de gasmeter of het volumeherleidingsinstrument waarvan het telwerk deel uitmaakt,
de omschrijving van de te meten grootheid,
de vermenigvuldigingsfactor,
het aantal posities voor de komma,
de stand op het moment van ingebruikname en
de datum en het tijdstip van ingebruikname;
van elk gedurende de afgelopen drie jaar buiten gebruik gesteld telwerk:
het nummer van de gasmeter of het volumeherleidingsinstrument waarvan het telwerk deel uitmaakte,
de omschrijving van de te meten grootheid,
de vermenigvuldigingsfactor,
het aantal posities voor de komma,
de stand op het moment van ingebruikname,
de datum en het tijdstip van ingebruikname,
de stand op het moment van buitengebruikstelling,
de datum en het tijdstip van buitengebruikstelling en
een schatting van de hoeveelheid niet gemeten energie tussen de buitengebruikstelling van het telwerk en de ingebruikname van het nieuwe vervangende telwerk;
de G-waarde van de gasmeter;
Qmax en Qmin van de gasmeter;
de bedrijfsdruk van de gasmeter;
fabrikaat, type, fabrieksnummer, bouwjaar en soort van de geïnstalleerde apparatuur;
het jaar waarin de gasmeters voor het laatst zijn gereviseerd;
de instelparameters van alle componenten;
de wijze waarop de systematische (steekproefsgewijze) periodieke controle van in gebruik zijnde gasmeters conform 1.3.1.1 wordt uitgevoerd;
het jaar waarin de meetinrichting voor het laatst is gecontroleerd;
de resultaten van de aan de meetinrichting uitgevoerde controles;
kalibratiecertificaten van de verschillende meetmiddelen van de meetinrichting;
de impulswaarde van het zendcontact of van de impulsuitgang;
de vermenigvuldigingsfactor(en) voor de gegevens opgeslagen in de databuffers;
het soort zegel waarmee de gasmeter is verzegeld;
de gegevens met betrekking tot het ontwerp en de structuur van de meetinrichting;
de actuele waarde van de op de aansluiting gecontracteerde transportcapaciteit (in m3(n;35,17)/uur);
het door de afnemer opgegeven maximum en minimum debiet;
de naam van de aangeslotene met wie de aansluit- en transportovereenkomst is gesloten, alsmede de adresgegevens, zijnde straatnaam, huisnummer met eventuele toevoegingen, postcode en plaatsnaam of eventuele alternatieve locatieaanduidingen, behorend bij het overdrachtspunt van de aansluiting.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.3 › Subparagraaf 4.3.2
Artikel 4.3.2.1
Artikel 4.3.2.1
Onderdeel van Meetcode gas RNB· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 12 mei 2016