Onze Minister verstrekt uit de eIDAS-voorziening:
aan het BSN-Koppelregister van de gebruiker van een toegelaten of erkend identificatiemiddel die dit middel wil gebruiken in het kader van elektronische dienstverlening het burgerservicenummer en de afgeleide vorm hiervan, en aan een routeringsvoorziening in de zin van artikel 1 van de wet het burgerservicenummer in versleutelde vorm en het uniek identificerend nummer in afgeleide vorm;
aan een routeringsvoorziening ten behoeve van bestuursorganen of aangewezen organisaties: de naam en de noodzakelijke gegevens om deze correct weer te geven, geboortedatum, geboorteplaats, adres en geslacht in versleutelde vorm van de gebruiker van een toegelaten of erkend identificatiemiddel die dit middel wil gebruiken in het kader van elektronische dienstverlening;
bij grensoverschrijdende authenticatie het uniek identificerend nummer en indien beschikbaar het burgerservicenummer aan het BSN-Koppelregister en een afgeleide vorm daarvan aan bestuursorganen of aangewezen organisaties in het kader van elektronische dienstverlening.
bij grensoverschrijdende authenticatie het van het burgerservicenummer afgeleide uniek identificerend nummer, de naam en de noodzakelijke gegevens om deze correct weer te geven, geboortedatum, geboorteplaats, adres en geslacht aan de betreffende andere lidstaat.
Hoofdstuk 3
Artikel 9d
Verstrekkingen in verband met de eIDAS-voorziening
Onderdeel van Besluit digitale overheid· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024