De vergunning kan worden ingetrokken als:
De gegevens, die met het oog op de verkrijging van de vergunning zijn verstrekt, zodanig onjuist of onvolledig zijn gebleken dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn gegeven indien bij de beoordeling daarvan de juiste en volledige gegevens bekend waren geweest;
Niet of niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden voor de verlening van de vergunning;
Onvoldoende medewerking is verleend aan het toezicht op de naleving en de handhaving van de bij of krachtens deze wet en de Wet op de kansspelbelasting gestelde voorschriften;
De vergunninghouder kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen, anders dan de aan hem vergunde kansspelen, aanbiedt zonder daartoe een vergunning verleend te hebben gekregen.
Artikel 7
Intrekking van de vergunning
Onderdeel van Beleidsregels incidentele artikel 3 loterijvergunningen· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 31 oktober 2020