In het geval een vergunninghouder niet voldoet aan de verplichting om ten minste 40% van de nominale waarde van de verkochte deelnamebewijzen af te dragen aan de in de vergunning aangewezen begunstigden, zal aan een volgende vergunning de voorwaarde verbonden worden dat de vergunninghouder zekerheid stelt voor de afdracht aan het gekozen doel.
De vergunning wordt verleend onder de voorwaarde dat de vergunninghouder binnen drie maanden na afloop van de vergunning rekening en verantwoording aflegt als bedoeld in artikel 2, onder h en i, van het Kansspelenbesluit.
Het formulier van rekening en verantwoording ontvangt de vergunninghouder samen met de vergunning.
Zolang een vergunninghouder geen toereikende rekening en verantwoording aflegt, wordt bij een volgende aanvraag geen vergunning verleend aan die vergunninghouder.
Artikel 9
Toezicht en controle
Onderdeel van Beleidsregels incidentele artikel 3 loterijvergunningen· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 31 oktober 2020