**1.** Bij aanvang van de praktijkopleiding:
Wordt mede aan de hand van een nulmeting beoordeeld over welke vaardigheden en over welke beroepshouding de trainee beschikt en welke vaardigheden verder door de trainee ontwikkeld moeten worden in trainingsdagen.
Stelt de trainee in overleg met de praktijkbegeleider een persoonlijk ontwikkelingsplan op.
**2.** Te ontwikkelen vaardigheden als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden vastgelegd in een trainingsprogramma.
**3.** Indien een trainee de praktijkopleiding onderbreekt of een dienstverband aangaat met een andere werkgever, stelt de trainee een aangepast persoonlijk ontwikkelingsplan op.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2
Artikel 36
Artikel 36
Onderdeel van Nadere voorschriften praktijkopleidingen 2017· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2017