Naar hoofdinhoud

§ 3

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Regeling vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgangsvormen en Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen VWS· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 3 maart 2017

1. De vertrouwenspersoon heeft op het gebied van de integriteit in ieder geval de volgende taken en bevoegdheden: het opvangen, begeleiden en van advies dienen van de in artikel 2, eerste lid, bedoelde medewerker of betrokkene; het inwinnen van inlichtingen die noodzakelijk zijn om tot een goed inzicht te komen over hetgeen aan de orde is gesteld; het adviseren over eventueel verder te nemen stappen en het behulpzaam zijn van de in artikel 2, eerste lid, bedoelde medewerker of betrokkene bij eventueel verder te nemen stappen; het verlenen van nazorg aan de in artikel 2, eerste lid, bedoelde medewerker of betrokkene; het signaleren van knelpunten in de uitvoering van het beleid, het verstrekken van inlichtingen over de mogelijkheden tot voorkoming en bestrijding van niet integer gedrag in de organisatie en het geven van gevraagd of ongevraagd advies op dit gebied aan de hoofden van dienst en de secretaris-generaal; het geven van voorlichting op het gebied van integriteit. 2. De vertrouwenspersoon heeft op het gebied van het melden van het vermoeden van een misstand de taak die is omschreven in artikel 3, tweede lid, van de Interne klokkenluidersregeling Rijk, Politie en Defensie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel