**1.** Onze Ministers, ieder met betrekking tot de begroting waarvoor hij verantwoordelijk is, verrichten namens de Staat de privaatrechtelijke rechtshandelingen die voortvloeien uit het beleid en de bedrijfsvoering die aan hun begrotingen ten grondslag liggen, tenzij bij of krachtens de wet is bepaald dat een van Onze andere Ministers de rechtshandeling verricht.
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de colleges elk met betrekking tot de uitvoering van de taak waarvoor het verantwoordelijk is.
**3.** Onverminderd artikel 4.18, aanhef en onder b, kunnen Onze Ministers een overeenkomst tot het aangaan van een geldlening namens de Staat sluiten voor zover Onze Minister van Financiën daaraan zijn medewerking verleent in de vorm van het mede verrichten van de privaatrechtelijke rechtshandeling.
Hoofdstuk 4 › § 3
Artikel 4.6
Verrichten van een privaatrechtelijke rechtshandeling
Onderdeel van Comptabiliteitswet 2016· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2018