Deze aanwijzing geeft inzicht in de wijze waarop de beslissingen van het College van procureurs-generaal (College) tot stand komen ten aanzien van artsen die het leven van een patiënt op diens uitdrukkelijk verzoek actief hebben beëindigd door het uitvoeren van euthanasie of verlenen van hulp bij zelfdoding.
De grondslag van deze beslissingen ligt in toepassing van de artikelen 293 en 294 van het Wetboek van Strafrecht (Sr) en de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (WTL).
Artikel 1
Samenvatting
Onderdeel van Aanwijzing vervolgingsbeslissing inzake actieve levensbeëindiging op verzoek (euthanasie en hulp bij zelfdoding)· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 17 mei 2017