Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot:
een oplaadpunt als bedoeld in bijlage II, onderdelen 1.1, 1.2, 1.3, 1.5 en 1.6, van richtlijn 2014/94/EU;
een accuwissel als bedoeld in bijlage II, onderdeel 1.4, van richtlijn 2014/94/EU;
een walstroomvoorziening als bedoeld in bijlage II, onderdelen 1.7 en 1.8, van richtlijn 2014/94/EU;
een waterstoftankpunt als bedoeld in bijlage II, onderdelen 2.1 en 2.3, van richtlijn 2014/94/EU;
de zuiverheid van de waterstof, bedoeld in bijlage II, onderdeel 2.2, van richtlijn 2014/94/EU;
connectoren voor motorvoertuigen voor het tanken van gasvormige waterstof als bedoeld in bijlage II, onderdeel 2.4, van richtlijn 2014/94/EU;
een tankpunt voor vloeibaar aardgas voor binnen- of zeeschepen als bedoeld in bijlage II, onderdeel 3.1, van richtlijn 2014/94/EU;
een tankpunt voor vloeibaar aardgas voor motorvoertuigen als bedoeld in bijlage II, onderdeel 3.2, van richtlijn 2014/94/EU;
een connector of aansluitpunt voor gecomprimeerd aardgas als bedoeld in bijlage II, onderdeel 3.3, van richtlijn 2014/94/EU; en
een tankpunt voor gecomprimeerd aardgas voor motorvoertuigen als bedoeld in bijlage II, onderdeel 3.4, van richtlijn 2014/94/EU.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Besluit infrastructuur alternatieve brandstoffen· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 24 juni 2017