**1.** Een bank markeert de hierna genoemde groepen van deposito’s en depositohouders op een dusdanige manier dat deze onmiddellijk te identificeren zijn:
In aanmerking komende deposito’s en depositohouders;
Deposito’s die onderwerp zijn van een rechtsgeschil als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onderdeel a van de richtlijn depositogarantiestelsels;
Deposito’s die onderwerp zijn van beperkende maatregelen die zijn opgelegd door nationale regeringen of internationale organen als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onderdeel b van de richtlijn depositogarantiestelsels;
Deposito’s die zijn verpand aan een derde partij en waarbij uitsluitend de pandhouder inningsbevoegd is;
Deposito’s waar beslag op is gelegd;
Deposito’s die worden geblokkeerd op grond van de regelgeving van het land w¡aar het deposito wordt aangehouden, niet zijnde Nederland, voor zover deze blokkade relevant is voor een uitkering van het depositogarantiestelsel;
Bankspaardeposito’s eigen woning als bedoeld in artikel 29.01, tweede lid, sub e van het Bbpm;
Deposito’s van depositohouders waarop surseance van betaling van toepassing is;
Lijfrenterekeningen als bedoeld in de Wet inkomstenbelasting 2001 en stamrechtspaarrekeningen als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964;
Deposito’s waarop een BEM-clausule of soortgelijke bewindvoering op rekeningniveau van toepassing is;
Bouwdepots;
Deposito’s die volgens de administratie van de bank als 'slapend' kwalificeren en met betrekking waartoe in de voorafgaande 24 maanden geen transactie door of namens de depositohouder heeft plaatsgevonden met betrekking tot het deposito.
**2.** Een bank markeert depositohouders waarvan de identiteit niet met een hoge mate van betrouwbaarheid kan worden vastgesteld als bedoeld in artikel 5, eerste lid.
**3.** Een bank markeert depositohouders waarvan de markeringen, als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, niet met een hoge mate van betrouwbaarheid zijn aan te brengen.
**4.** Een bank markeert deposito’s waarvan de markeringen, als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, niet met een hoge mate van betrouwbaarheid zijn aan te brengen.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 2.3
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Beleidsregel Individueel Klantbeeld Wft 2017· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2023