De houder toont door middel van een overzicht van de ingezette beroepskrachten en presentielijsten van kinderen, inclusief een indicatie van de aankomst- en vertrektijden aan:
de verhouding tussen het minimaal in te zetten aantal beroepskrachten en het aantal aanwezige kinderen in een basisgroep, bedoeld in artikel 16, tweede lid, en
indien van toepassing de afwijking daarvan, bedoeld in artikel 16, vierde lid, tweede zin.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2
Artikel 16a
Overzicht van ingezette beroepskrachten en presentielijsten
Onderdeel van Besluit kwaliteit kinderopvang· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2023